Financiële resultaten - Voor onze aandeelhouders
De oplopende kosten van gas- en elektriciteitstransport in de afgelopen 3 jaar en het gewijzigde methodebesluit 2022-2026 met de bijbehorende nacalculaties, hadden zowel aan de zijde van de omzet als aan de kostprijszijde grote invloed op het resultaat. De hogere inkoopkosten van meetverlies gas en netverlies elektriciteit, die in de tarieven zijn doorberekend binnen Westland Infra Netbeheer, hebben geleid tot een veel hogere omzet en kostprijs ten opzichte van voorgaande jaren. De marge en het resultaat van Westland Infra Netbeheer zijn in 2025 hoger ten opzichte van 2024, met name door nacalculaties die in tarieven zijn verrekend of nog te verrekenen zijn.
N.V. Juva heeft in 2025 een financieel resultaat behaald van € 24,9 miljoen na belasting.
Ontwikkeling bedrijfsopbrengsten en brutomarge
|
(bedragen in miljoenen euro's) |
2025 |
2024 |
|---|---|---|
|
Totaal bedrijfsopbrengsten |
162 |
163 |
|
Totaal brutomarge |
111 |
103 |
|
Omzet transport gas |
24 |
24 |
|
Omzet transport elektriciteit |
94 |
98 |
|
Omzet meterdiensten |
16 |
15 |
|
Realisatie eenmalige aansluitbijdrage |
6 |
5 |
|
Omzet overige activiteiten |
15 |
15 |
|
Omzet energie totaal |
155 |
157 |
|
Geactiveerde productie |
7 |
6 |
De bedrijfsopbrengsten namen afgelopen jaar af met € 1,1 miljoen (15,1%) van € 163,5 miljoen in 2024 naar € 162,4 miljoen in 2025.
Deze afname bestaat uit de daling van de omzet energietransport met € 4,1 miljoen door verwerkte nacalculaties WACC 2023 in omzet van 2024, ten opzichte van de stijging van omzet meterhuur/datacollectie met € 0,9 miljoen, de stijging van omzet realisatie eenmalige aansluitbijdrage van € 0,1 miljoen, de stijging van de geactiveerde productie van € 1,0 miljoen en de stijging van de omzet projecten Anexo met € 0,9 miljoen.
De kosten van uitbesteed werk en andere (externe) kosten zijn met € 9,0 miljoen afgenomen door afname van de transportkosten TenneT en Stedin en de lagere inkoopkosten van gasmeetverlies en netverlies elektriciteit. Voor projecten Anexo zijn de kosten van uitbesteed werk en (andere) externe kosten met € 0,5 miljoen gestegen door de gestegen omzet projecten Anexo.
De personeelskosten namen toe met € 2,9 miljoen (10,8%) van € 26,9 miljoen in 2024 naar € 29,8 miljoen in 2024. De stijging van het aantal personeelsleden door toenemende bedrijvigheid en afbouw van ingeleende personeelsleden naast de cao-verhoging zijn hier de belangrijkste redenen voor. De cao-verhoging per 1 januari 2025 was 3,0% en per 1 juli 2,0%.
Door de investeringen van de afgelopen jaren stegen de afschrijvingen van de vaste activa met € 0,8 miljoen.
Daarnaast stegen de overige bedrijfskosten met € 0,3 miljoen, waarbij de algemene kosten stegen met € 1,0 miljoen en de distributie- en verkoopkosten gas € 0,7 miljoen afnamen. De toename van de algemene kosten met € 1,0 miljoen bestaat uit:
-
een stijging van de licentiekosten met € 0,5 miljoen;
-
een stijging van de IT-kosten met € 0,3 miljoen;
-
een stijging van kosten van magazijn/logistiek met € 0,2 miljoen
-
een stijging van de facilitaire kosten met € 0,1 miljoen;
-
een stijging van de marketing- en communicatiekosten met € 0,2 miljoen;
-
een stijging van personeel gerelateerde overige bedrijfskosten, waaronder autokosten van € 0,2 miljoen;
-
een stijging van inhuur voor stafafdelingen van € 0,2 miljoen.
ten opzichte van:
-
€ 0,1 miljoen lagere dotatie aan voorzieningen;
-
€ 0,6 miljoen meer indirecte kosten geactiveerd op materiële vaste activa gezien toegenomen investeringsactiviteiten.
De bedrijfskosten namen per saldo toe met € 3,9 miljoen (5,5%); van € 71,3 miljoen in 2024 tot € 75,2 miljoen in 2025.
Het bedrijfsresultaat steeg met € 4,0 miljoen (68,6%); van € 31,7 miljoen in 2024 tot € 35,7 miljoen in 2025.
Hoewel we in september 2024 onze financiering met € 13 miljoen uitbreidden, bleven onze rentelasten minus -baten in 2025 nagenoeg gelijk met onze rentelasten minus baten van in 2024 door de toegenomen rentebate uit het stallen van liquiditeitsruimte.
De vennootschapsbelasting steeg met € 0,7 miljoen (4,7%) van € 8,6 miljoen naar € 9,3 miljoen, door een hoger resultaat voor belasting.
Wel daalde de vennootschapsbelasting relatief door een lager effectief vennootschapsbelastingtarief in 2025 (27,5%) ten opzichte van 2024 (28,9%).
In 2025 betreft het effectieve belastingpercentage 27,5% ten opzichte van het nominale belastingpercentage van 25,8%.
Dit verschil wordt veroorzaakt door het contant maken van de verschillen tussen commerciële en fiscale afschrijvingen over een periode van 25 jaar, waarbij rekening wordt gehouden met een lagere kans van realisatie naarmate de tijdsperiode verder in de toekomst ligt, het deelnemingsresultaat in resultaat deelneming welke niet onder de deelnemingsvrijstelling valt en realisatie van energie-investeringsaftrek over investeringen in warmtenetten.
Het resultaat van de deelnemingen daalde met € 0,1 miljoen (18,8 %) van € 0,5 miljoen in 2024 naar € 0,4 miljoen in 2025.
Deze afname wordt veroorzaakt door de lagere resultaten van Trias Westland (€ 0,3 miljoen) en WNW C.V. (€ 0,5 miljoen) ten opzichte van hoger resultaat ETP (€ 0,7 miljoen).
Onze nettowinst steeg per saldo met € 3,2 miljoen (15,7%); van € 21,7 miljoen in 2024 tot € 24,9 miljoen in 2025. Voor cijfermatige aansluiting van ontwikkeling zie hieronder voor nadere toelichting.
Ontwikkeling nettowinst
|
(bedragen in miljoenen euro's) |
|
|---|---|
|
Nettowinst 2025 |
24,9 |
|
Nettowinst 2024 |
21,7 |
|
Toename brutomarge |
7,9 |
|
Toename personeelskosten |
-2,8 |
|
Toename afschrijving vaste activa |
-0,8 |
|
Toename overige bedrijfskosten |
-0,3 |
|
Toename vennootschapsbelasting |
-0,7 |
|
Afname winst deelnemingen |
-0,1 |
Investeringen
In 2025 hebben we inclusief mutatie in materiële vaste activa in uitvoering € 42,9 miljoen geïnvesteerd in materiële vaste activa (2024: € 35,3 miljoen).
De investeringen in de energiedistributienetwerken (buiten de mutatie in materiële vaste activa in uitvoering) waren € 33,2 miljoen, waarvan € 26,5 miljoen in het elektriciteitsnetwerk en € 6,7 miljoen in het gasdistributienetwerk.
De verwachting voor 2026 is dat investeringen in met name het elektriciteitsnetwerk zullen toenemen en die in het gasnetwerk iets zullen afnemen.
Elektriciteit
Voor elektriciteitsinstallaties en kabels hanteert Westland Infra een lineaire afschrijftermijn van 25 jaar. Dit is korter dan de circa 50 jaar die andere netbeheerders doorgaans hanteren. De gekozen termijn houdt rekening met de specifieke kenmerken van het verzorgingsgebied en met name de dienstverlening aan de voornaamste klantgroep: de glastuinbouwsector.
De glastuinbouwsector is zowel een grote energieafnemer als een significante energieopwekker. Hierdoor kent het elektriciteitsnet in het verzorgingsgebied van Westland Infra een relatief hoge en dynamische belasting. De sector heeft in het verleden aangetoond dat energiegebruik en investeringsgedrag snel kunnen veranderen als gevolg van marktomstandigheden, technologische ontwikkelingen en energieprijzen. Voorbeelden hiervan zijn de snelle implementatie van warmtekrachtinstallaties (WKK’s) en de aanpassingen in energiegebruik naar aanleiding van de energiecrisis in de afgelopen jaren.
Daarnaast hebben recente ontwikkelingen in het Nederlandse energiesysteem een duidelijke impact op het elektriciteitsnet in de regio. De sterke groei van duurzame energiebronnen, zoals zonne- en windenergie, leidt tot een steeds dynamischer netgebruik. Tegelijkertijd zorgt netcongestie ervoor dat flexibiliteit en aanpasbaarheid van het energiesysteem steeds belangrijker worden. In de regio Westland speelt daarbij een belangrijke wisselwerking tussen elektriciteitsgebruik, lokale opwekking en gasgestookte WKK-installaties, die mede bijdragen aan flexibiliteit en congestiemanagement op het elektriciteitsnet.
Deze ontwikkelingen maken dat investeringen in het elektriciteitsnet zowel structureel als adaptief moeten zijn. Een kortere afschrijvingstermijn dan in de sector gebruikelijk geeft Westland Infra de mogelijkheid om beter in te spelen op toekomstige veranderingen in vraag, technologie en systeeminrichting. Tegelijkertijd is een verdere verkorting van de termijn niet wenselijk, omdat deze geen recht zou doen aan de langjarige investeringen die nodig zijn voor de betrouwbaarheid en capaciteit van het elektriciteitsnet.
Op basis van deze overwegingen wordt een afschrijvingstermijn van 25 jaar passend geacht.
Gas
Voor gasassets en leidingen wordt een lineaire afschrijftermijn van 25 jaar gehanteerd. De economische levensduur van deze assets kent een zekere mate van onzekerheid, met name als gevolg van ontwikkelingen in de energietransitie. Enerzijds wordt verwacht dat het gebruik van fossiel aardgas in de komende decennia zal afnemen. Grootschalige nieuwe investeringen in het gasnet worden daardoor minder frequent. Ook het verbod op nieuwe gasaansluitingen bij nieuwbouwprojecten draagt bij aan een geleidelijke afname van het aardgasgebruik.
Anderzijds zijn er meerdere ontwikkelingen die wijzen op een blijvende rol voor gasinfrastructuur binnen het toekomstige energiesysteem. Het bestaande gasnet kan mogelijk worden ingezet voor duurzame gassen, zoals waterstof of groen gas. Onderzoek van onder andere Kiwa en Netbeheer Nederland laat zien dat delen van het bestaande gasnet hiervoor technisch geschikt zijn. In de regio Westland wordt reeds circa 5 miljoen m³ groen gas per jaar ingevoed, met uitbreidingsmogelijkheden in de komende jaren.
Daarnaast speelt gasinfrastructuur een rol in de flexibiliteit van het energiesysteem. In een context waarin delen van het elektriciteitsnet tegen capaciteitsgrenzen aanlopen, worden gasgestookte warmtekrachtinstallaties (WKK’s) in de glastuinbouwsector ingezet om flexibiliteit te leveren en piekbelastingen op het elektriciteitsnet te beïnvloeden. Hierdoor vervult gasinfrastructuur in de regio niet alleen een transportfunctie voor energie, maar ook een ondersteunende rol in het functioneren van het bredere energiesysteem.
Het nieuwe methodebesluit van de Autoriteit Consument & Markt (ACM) voor de reguleringsperiode 2027–2031 richt zich op de wijze waarop toegestane inkomsten en tarieven van netbeheerders worden vastgesteld. Dit besluit bevat geen voorschriften met betrekking tot de boekhoudkundige afschrijvingstermijnen van netassets.
Gelet op de verwachte inzetbaarheid van het gasnet voor duurzame gassen, de concrete regionale volumestromen en de systeemfunctie van gas in relatie tot flexibiliteit en congestiemanagement, blijft een afschrijvingstermijn van 25 jaar realistisch. Westland Infra blijft de ontwikkelingen in de energiemarkt, de energietransitie en de reguleringskaders volgen om te waarborgen dat de gehanteerde afschrijvingstermijn ook in de toekomst passend blijft.
Financiële positie
Solvabiliteit
Een sterke solvabiliteitspositie is van belang om voldoende financiële ruimte te hebben voor de noodzakelijke investeringen in de energie-infrastructuur. Ook helpt het bij het kunnen faciliteren van de transitie naar een duurzame energievoorziening.
Per ultimo 2025 bedraagt de solvabiliteit 41,9% (2024: 40,4%) en de solvabiliteit na voorgestelde winstverdeling 38,7% (2023: 37,0%). Het eigen vermogen – na winstverdeling – neemt toe van € 142,3 miljoen ultimo 2024 tot € 154,1 miljoen ultimo 2025.
Financiering
In 2024 is financieringsfaciliteit van € 13 miljoen opgenomen voor een periode van 10 jaar tot 1 september 2034. Hierdoor is sprake van een financiering van € 114 miljoen tegen gemiddelde rentevoet van 2,28%.
Verder beschikken we naast de leningen over een rekening-courant-faciliteit van € 25 miljoen, waarvan de rente variabel is (1 maands euribor plus opslag variërend van 0,5% tot 0,75%).
Liquiditeit
Ten behoeve van het voldoen van acute verplichtingen heeft Juva hiervoor, buiten de afgesloten leningen, de al eerdergenoemde rekening-courant-faciliteit van € 25,0 miljoen, waarvan per ultimo 2025 € nihil miljoen is opgenomen.
Dividendbeleid
We hebben met onze aandeelhouders afgesproken dat we als onderneming streven naar een evenwichtig, marktconform dividend. Randvoorwaarden voor het dividendbeleid zijn:
-
We streven naar solvabiliteit op basis van huidige waarderingsgrondslagen van minimaal 40%.
-
We voldoen aan de voor netwerkbedrijven vastgestelde financiële criteria van de overheid (BFBN).
-
We houden voldoende financiële ruimte om de noodzakelijke investeringen te doen in de netwerken. Resultaten en investeringen worden niet structureel aangetast door wijzigingen in de reguleringsmethodiek en ontwikkelen zich in lijn met het strategische plan 2024-2030.
Daarnaast wordt het eigen vermogen na dividenduitkering niet kleiner dan de wettelijke en statutaire reserves.
Op basis hiervan stellen we voor om uit de winst over 2025 een dividend van € 13,0 miljoen uit te keren en het restant van de winst toe te voegen aan de overige reserves.